‘Jeans, kleurrijke sjaal, Aziatische roots’, sms ik nog snel voor mijn trein het station binnendendert waar we hebben afgesproken. Zijn antwoord: ‘Net blind date. Pinnekes, grijze jas.’ Een priester van 32, homo én met piekjes in het haar, het kan tellen als gesprekspartner. Dieter werd tot priester gewijd in 2007 en werkt nu in de stille kempen.
Of hij binnen zijn parochie zijn coming-out heeft gedaan, wil ik weten. Dieter: “Je moet het jezelf niet moeilijk maken, vind ik. We hebben een ouder publiek, en vaak is het nog zo’n taboe. Het is niet mijn taak om te choqueren. Maar langs de andere kant; als iemand erover begint, zal ik het niet ontkennen, vooral naar de jongeren toe.
Toets van godsdienst
Op zijn dertiende wist Dieter dat hij homo was én dat hij priester wilde worden. Al stonden die twee dingen los van mekaar. “Ik heb onlangs een map van godsdienst teruggevonden uit het eerste middelbaar. Daarin stond geschreven ‘ik wil priester worden’. En in datzelfde jaar werd ik verliefd op mijn beste vriendje uit de klas. Ik voelde me zo abnormaal en zweeg erover. Op mijn vijftiende zat ik daar zo mee in de knoop en ben ik zelfs naar de brug van het kanaal gelopen, als schreeuw om aandacht. Mijn ouders waren er altijd voor mij, maar ik durfde er niet mee naar buiten komen. Ik schaamde mij dood.
In het derde middelbaar barstte de bom dan toch. Op een toets van godsdienst schreef Dieter zijn hele verhaal uit. Met als gevolg een tien op tien voor zijn toets, en de school die zijn ouders verwittigde. “Ik dacht, ik heb alles eens gezegd, nu is het voorbij.” Maar door nog twee keer van school te moeten veranderen, liep het toch niet zo vlotjes. “In het laatste jaar kon ik eindelijk zijn wie ik was, en dat heeft mij totaal veranderd, van een stil braaf jongetje tot de flapuit die ik nu nog steeds ben.”
De droom om priester te worden bleef aanwezig. En na het obligate diploma en wat omzwervingen in het onderwijs, kon Dieter dan toch de oerklassieke 7-jarige priesteropleiding starten aan het seminarie van Hasselt. “Ik kwam er aan en ik moest sowieso een uitlaatklep hebben. Dus vertelde ik aan mijn begeleider dat ik homo was. Hij schrok wel een beetje dat ik daarvoor uitkwam, en hij raadde mij aan om het toch maar beter stil te houden op het seminarie. Daar zat ik dan hé.”
De zotste reacties
Na een halfjaar vertelde Dieter het toch aan zijn beste kameraad. Dieter: “Die viel bijna van zijn stoel. En het jaar erna heb ik met iedereen op onze kamer –we zaten er met negen- gepraat en ik heb de zotste reacties gekregen! Sommige gingen bidden voor mijn genezing, andere zijn dichtgeklapt, of ik kreeg een ‘je bent toch niet verliefd op mij..’ De vreemdste reacties eerst, maar er werd over gesproken onderling. En ook tijdens de volgende jaren is het onderwerp homoseksualiteit altijd bespreekbaar geweest en viel er een druk van mij af.”
En tijdens de lessen zelf? “Ik heb tijdens het seminarie nooit taboes ervaren of weerstand ondervonden, en ook binnen de kerk niet. Toen de paus zei dat jongens die voor jongens vallen -want zo subtiel zeggen ze het dan- geen priester mogen worden, waren veel mensen bezorgd voor mij. Maar ik heb daar nooit problemen mee gehad. Ik kies voor het celibaat, dat geldt evengoed voor mij als voor een hetero.
Wat is eigenlijk het officiële standpunt van de kerk over homoseksualiteit? “Je kan dat heel simplistisch en in drie korte zinnetjes samenvatten. Eén: ze kunnen er niets aan doen. Twee: we kennen de oorzaak niet. Drie: men mag niet discrimineren en men moet mensen met een andere geaardheid met respect behandelen. Die drie hoofdzaken verkondigt de kerk. Natuurlijk staat er ook bij dat seksuele contacten met mensen van hetzelfde geslacht taboe zijn. Dat staat er ook bewust in. De visie van de kerk op liefde en seksualiteit is veel ruimer dan enkel het lichamelijke. In een relatie tussen man en vrouw staat de openheid voor kinderen heel centraal. En dat kan natuurlijk niet in een relatie tussen twee personen van hetzelfde geslacht.”
Geen huwelijk
Nochtans, een relatiezegening voor een homoseksueel koppel zou Dieter niet weigeren, maar een huwelijk? “Ik hou gewoon niet van die term ‘huwelijk’ als het over twee mannen of twee vrouwen gaat. Want een huwelijksviering in een kerk is helemaal gebouwd rond man en vrouw. En ik vind het doodjammer dat er niks bestaat voor holebi’s. Ik ben ook dolblij dat de wet van de homoadoptie bestaat, in theorie dan toch. En als ik geen priester geworden was en een vriend zou hebben, ik zou zelf ook alle moeite doen om een kindje te kunnen adopteren. Het spookt soms wel door mijn hoofd: is dat wel goed, twee mama’s of twee papa’s? Mijn hoofd zegt nee, maar mijn hart zegt ja, want wat maakt dat nu uit.”
Rome is ver
Verandering binnen de kerk, ziet hij dat in de toekomst gebeuren? “Als er iets moet veranderen, moet het van onderuit komen. Wij kunnen getuigen en laten horen wat er leeft. In de praktijk kan ik wel over homoseksualiteit praten met jonge mensen, maar Rome is ver. Tegen dat iets doordringt in Rome, zijn we vier pausen verder. Met alle respect voor deze paus en de mening van de kerk, maar het zal niet veranderen van vandaag op morgen, en dat hoeft ook niet. Als er dingen veranderen moet dat geleidelijk aan gebeuren en weldoordacht. Sommige mensen denken nog steeds: ‘ocharme we moeten ze genezen’ en dat vind ik droevig. Maar ik merk ook heel veel openheid van mens tot mens.
Laatst ging ik vertellen in een middelbare beroepsschool, voor allemaal jongens die totaal niet geïnteresseerd waren. Ik zei: ik word ook verliefd, niet op meisjes maar op jongens. En dan kreeg ik de reactie: ‘Ja, en dan? Dat is uw zaak.’ Maar achteraf hoorde ik wel van de leerkracht dat het bij twee jongens toch wel iets had losgeweekt. En dat vind ik goed. Want er is altijd wel een groepje holebi’s die binnen de schitterende werking van holebi-jongerenorganisaties niet terecht kunnen. Gewoon omdat ze keiverlegen zijn, of heel stil. Sommige gelovige jongeren worstelen enorm met holebiseksualiteit. En als ze weten, dat is Dieter en daar kan ik bij terecht, ben ik al tevreden.”
(GH) |